Als je dit jaar je voorlopige aanslag hebt bekeken, kan het zomaar zijn dat je even schrok. Niet omdat je minder verdiende, maar omdat de fiscus een groter deel van je winst afroomt dan vorig jaar. De boosdoener heet zelfstandigenaftrek, en die is in 2026 fors gekrompen. Wie hier niet op rekende, betaalt in de praktijk honderden tot duizenden euro's meer belasting bij hetzelfde inkomen.
Zo hard daalt de aftrek dit jaar
De zelfstandigenaftrek is de post waarmee zzp'ers en andere ondernemers hun belastbare winst mogen verlagen, mits ze voldoen aan het urencriterium van minimaal 1.225 uur per jaar. Die aftrek wordt al jaren stap voor stap afgebouwd, maar de daling in 2026 valt extra op: van 2.470 euro in 2025 naar 1.200 euro dit jaar. Dat is bijna een halvering in één klap. Zet je de hele reeks naast elkaar, dan zie je hoe drastisch het kabinet heeft ingegrepen: 6.310 euro in 2022, 5.030 euro in 2023, 3.750 euro in 2024, 2.470 euro in 2025 en nu 1.200 euro. Voor 2027 staat al een verdere daling naar 900 euro gepland.
Het belastingvoordeel van de aftrek wordt bovendien berekend tegen een vast tarief van 37,56 procent, ongeacht in welke schijf je zit. Bij een aftrek van 1.200 euro scheelt dat dus zo'n 450 euro aan belasting, tegen ruim 900 euro vorig jaar bij dezelfde winst.
Waarom het kabinet de knop omdraait
De afbouw van de zelfstandigenaftrek staat al sinds 2020 in de wet en is bedoeld om het verschil tussen werknemers en zelfstandigen kleiner te maken. Zelfstandigen betalen namelijk geen werknemerspremies en bouwen doorgaans geen pensioen op via een werkgever, waardoor hun nettoloon bij gelijke bruto-inkomsten hoger uitpakte dan dat van een werknemer. De opeenvolgende kabinetten hebben dat verschil willen verkleinen door de aftrek jaar na jaar te verlagen. Tegelijk speelt de discussie rond schijnzelfstandigheid en de Wet DBA mee: de politiek wil zzp-schap financieel minder aantrekkelijk maken ten opzichte van vast werk, zonder het onmogelijk te maken.
Voor de exacte bedragen en de opbouw van de regeling kun je terecht op de officiële pagina van de Belastingdienst.
Wat dit concreet kost voor jouw portemonnee
Reken het even mee. Stel, je maakte in 2025 en 2026 allebei 45.000 euro winst. In 2025 trok je daar 2.470 euro vanaf voor de zelfstandigenaftrek, in 2026 nog maar 1.200 euro. Dat verschil van 1.270 euro belastbare winst kost je, tegen het aftrektarief van 37,56 procent, ongeveer 477 euro extra belasting. Bij een hoger inkomen of in combinatie met minder gebruik van andere aftrekposten kan dat bedrag flink oplopen.
Het gevolg is dat veel zzp'ers dit voorjaar een hogere voorlopige aanslag kregen dan verwacht, of bij de definitieve aangifte over 2026 alsnog moeten bijbetalen. Reserveer daarom nu al extra geld op je zakelijke spaarrekening in plaats van te wachten tot de aanslag binnenkomt.
De startersaftrek blijft wel gewoon overeind
Goed nieuws voor wie net begint: de startersaftrek staat los van deze afbouw en bedraagt in 2026 nog altijd 2.123 euro. Voldoe je aan de voorwaarden, dan tel je die gewoon op bij de zelfstandigenaftrek van 1.200 euro. Startende ondernemers houden dus nog altijd een behoorlijk fiscaal steuntje in de rug, ook al is dat samen minder dan wat een gevestigde zzp'er een paar jaar geleden kreeg. Je mag de startersaftrek in de eerste vijf jaar van je onderneming maximaal drie keer toepassen.
Andere aftrekposten worden nu belangrijker
Nu de zelfstandigenaftrek kleiner wordt, loont het om scherper te kijken naar de aftrekposten die wel overeind blijven. De kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) is voor 2026 juist ongewijzigd gebleven, dus investeringen in bijvoorbeeld apparatuur of een bedrijfsauto kunnen nog steeds fiscaal voordeel opleveren. Ook de MKB-winstvrijstelling, die automatisch een deel van je resterende winst vrijstelt, blijft een van de grootste besparingen die je als ondernemer hebt. Overweeg je financiering voor zo'n investering, kijk dan ook eens naar wat een bedrijfskrediet precies inhoudt en welke voorwaarden daarbij gelden.
Wie net is gestart en nog zoekt naar houvast, vindt praktische aanknopingspunten in dit artikel over startende ondernemingen naar de top helpen. En omdat 2026 op meer fronten fiscaal en financieel verandert, is het handig om ook de bredere kostenveranderingen van dit jaar in de gaten te houden, want die tikken bij een onderneming net zo hard aan als bij een huishouden.
Zo bereid je je voor op de aangifte over 2026
Wacht niet tot maart volgend jaar om erachter te komen hoeveel je moet bijbetalen. Zet nu een vast percentage van elke factuur opzij, vraag je boekhouder om een tussentijdse berekening op basis van je winst tot nu toe, en kijk of investeringen die je toch al plande beter dit jaar dan volgend jaar gedaan kunnen worden vanwege de KIA. Check ook of je voldoet aan het urencriterium van 1.225 uur, want zonder die uren heb je sowieso geen recht op de aftrek, ongeacht hoeveel winst je maakt. Een kwartiertje rekenwerk nu bespaart je in het voorjaar een onaangename verrassing op de deurmat.